Geschiedenis

Reeds vanaf 1918 bestond er aan het Leuvense Sint-Pieterscollege het Katholiek Vlaamsch Studentengild “Ik Dien”. Dit was een studiekring van leraars en leerlingen waar lezingen gehouden werden over letterkundige, sociale en wetenschappelijke onderwerpen. Zogauw de bezielers van het Studentengild in het najaar van 1922 aan hun universitaire studies begonnen, besloten zij een Hoogere Afdeling op te richten. Leden van het eerste uur zoals Karel Hambrouck, Maurits Van Haegendoren en Omer Lepoutre organiseerden om de veertien dagen een vergadering, waarop vele spreekbeurten en voordrachten werden gehouden. Maar reeds van in het begin slopen allerlei studentikoze clubgebruiken binnen.

In 1925 werd de Hoogere Afdeling omgedoopt tot de Leuvensche Club en vanaf 1930 werd de voorkeur gegeven aan de verlatijnste naam Lovania. Aanvankelijk werd er een onderscheid gemaakt tussen “mennes” en “pais” maar al vrij snel werd ook bij Lovania gesproken van commilitones en schachten. Als clubkleuren werd rood-wit-rood gekozen met rood als hoofdkleur. De linkerhelft van het schild toont een klauwende leeuw terwijl de rechterhelft ingevuld wordt met de clubkleuren en de zirkel. Toen in 1929 onder impuls van wijlen Edmond De Goeyse het SeniorenKonvent werd opgericht, was Lovania één van de 26 stichtende clubs. Samen met Bezem Brussel was Lovania trouwens de eerste om te experimenteren met de invoering van het Bierkomment (de latere blauwe bladzijden), om zo tot een éénvormig en stijlvol clubleven te komen. Omwille van zijn inzet voor het Leuvense studentenleven schonk Lovania reeds in 1930 het erelint van commilito honoris causa aan Edmond De Goeyse.

De Tweede Wereldoorlog brak uit en ook Lovania ontsnapte niet aan enkele moeilijke jaren. Al tijdens de doopclub van 1940 liet de oorlog zich voelen : vermits er na 22 uur een bierverbod van kracht was, moest de clubavond al om 18 uur beginnen. De Dies Natalis van 1941 moest het stellen met een menu van soep en twee halve pensen en de commilitones werden gevraagd zelf hun boterhammekes mee te brengen. Later werd ook het bier gerantsoeneerd en ieder moest voor zijn eigen bierbonnen zorgen. De kwaliteit van het bier liet trouwens te wensen over want “er werd veel geplast en toch ging ieder nuchter naar huis”. In de winter moest er vaak vergaderd worden in een onverwarmd lokaal. Het ging zelfs zo ver dat de kiesclub van 1942 in open lucht werd gehouden aangezien het binnen toch even koud was als buiten. Na vier jaar bezetting kwam dan de bevrijding. Jack-Op en Pale Ale vloeiden weer overvloedig. In 1951 werd de officiële benaming een laatste keer veranderd in KVHC Lovania. Het clubleven, en Lovania in het bijzonder, kenden een grote bloei in de jaren vijftig en zestig. Deze succesperiode legde de basis voor een bijzonder actieve oud-ledenwerking. De blijvende inzet van deze anciens verzekert niet alleen een grote continuïteit, maar bewijst ook dat levenslange vriendschap voor Lovania geen loos begrip is.

De fuiven en TD’s van de jaren zeventig bezorgden Lovania enorme bekendheid, zowel bij de studentenbevolking als bij de Petermannen (en -vrouwen). Tientallen Leuvense schonen placeerden hier hun eerste danspasjes en vonden hun eerste jeugdliefde. Tijdens de tiende lustrumviering in 1972-1973 kon dankzij de winst van deze fuiven een veertiendaagse reis naar Palma de Mallorca georganiseerd worden voor alle zeventien commilitones. Het toenemend individualisme in de jaren tachtig sloeg een diepe put in het ledenbestand. Toch was de club nog beroemd in Leuven. Het belang van Lovania voor de Leuvense student werd in 1986 opnieuw in de verf gezet toen de preses Francis Davidts door het stadsbestuur gevraagd werd peter te worden van het toen ingehuldigde beeld van De Kotmadam op de Oude Markt. In de jaren zeventig ontstond ook de traditie om iedere paar jaar met een ludieke stunt de krantenkoppen te halen. Vaak werd hiervoor teruggegrepen naar de typisch Leuvense (studenten-) problematiek, en sommige stunts zijn nog verrassend actueel. Zo groef Lovania in 1972 al een tunnel onder het station en werden de Leuvense fietsen in 1983 van een anti-diefstalcode voorzien. De laatste jaren werd er een extra medisch onderzoek georganiseerd, bij de oprichting van de provincie Vlaams-Brabant werd belastingsvrijstelling beloofd en in oktober 1997 kregen de nieuwe eerstejaars uit Leuven een ingangsexamen voorgeschoteld.

U vindt hier ook de lijst van alle pro-Senioren.

Een van onze oud-leden is nog vaak aanwezig.
Een van onze oud-leden is nog vaak aanwezig.

Aanwezige lovanen op het Galabal van 2012.
Groepsfoto galabal 2012.